Keratoconjuctivitis sicca (KCS) 

 

Bij onszelf maar ook bij onze huisdieren worden de ogen beschermd door traanvocht, dat in een dun laagje over het hoornvlies ligt. Bij KCS is er te weinig traanvocht: de ogen zijn te droog en dit zorgt voor problemen.

Oorzaken van KCS
- Er kan een genetische oorsprong zijn
- Een beschadigde traanklier of zenuw naar de traanklier
- Een voedseltekort en dan met name vitamine A
- Vergiftigingen zoals met belladonna of bij botulisme
- Bepaalde medicijnen
- Oog- of oorontsteking waarbij de traanklier of de zenuw van de traanklier betrokken is
- Autoimmuun aandoening (dit is bij honden meestal de oorzaak)

Bij wie komt KCS het meest voor?
We zien de aandoening veel vaker bij honden dan bij katten.
Toch komt het ook bij katten voor. Het ziet er dan alleen wat anders uit. Het gaat vaak om kortsnuitige katten, bijvoorbeeld Perzische katten. Als het traanvocht te snel uiteenvalt kunnen zij een zogenaamd cornea sequester krijgen.
Bij honden zien we het vaker bij teefjes dan bij reuen, en het meest bij de volgende rassen:
- Langharige teckel
- Cavalier King Charles Spaniel
- West Highland White Terrier

Hoe ziet KCS eruit?
- Het oog glanst niet meer maar ziet er dof uit
- Rode ogen
- Gezwollen oogleden
- Ogen dichtknijpen
- Ooguitvloeiing

Diagnose
Om de diagnose te stellen zullen we in de kliniek de ‘Schirmer Tear Test' (STT) doen. We meten daarmee hoeveel traanvocht er is door een speciaal papieren stripje in het oog te hangen. Er is sprake van KCS als er minder dan 10 mm traanvocht wordt gemeten bij de kat of 13 mm bij de hond.

Behandeling
Het is afhankelijk van de oorzaak van de KCS en de ernst welke behandeling we kiezen. Bijna altijd moet de pussige ooguitvloeiing voorzichtig gewassen worden en zijn er oogdruppels nodig. In het begin is soms een antibioticumzalf nodig en ontstekingsremmers.
De zalf die de traanvochtproductie weer op gang moet brengen is de ‘cyclosporine' oogdruppel. En daarnaast is het soms nodig de ogen vochtig te houden met kunsttranen.
KCS is een vervelende aandoening en regelmatig meten hoeveel traanvocht er is is noodzakelijk.
In een uiterste geval kan er een operatie plaatsvinden waarbij een speekselklier wordt omgeleid zodat die het oog vochtig kan houden.